Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

windmolen heeft het tegen den nieuwen tijd moeten afleggen, zooals honderden molens het in ons land voor en na hebben afgelegd.

Doch de romp, die thans als een reusachtige kalkoventrechter oprijst terzijde van den weg, die naar 'een der heerlijkste wandeloorden — de Katjeskelder — leidt en dus door ieder vreemdeling moet worden gepasseerd, trouwens in heel het Oosterhoutsche landschap domineert, was voorbestemd tot belvedère. Althans, ik lees in de officieele gids, samengesteld door de vereeniging: „Oosterhout Vooruit":

„Van Oosterhout uitgaande ter rechterzijde schijnt < de niet meer in gebruik zijnde massieve raolenronrpl slechts te wachten om ingericht te worden als belvedère. In de onmiddellijke nabijheid van een der schoonste gedeelten van „Katjes-Kelder" gelegen, tevens aan den zijtak van het Wilhelminakanaal Oosterhout—Breda, zou hier met geringe kosten een zoo lang gewenscht ontspanningsoord kunnen verrijzen, waarvan het succes 4e voren verzekerd is." „Wie begint hier?"

Ik hoop van harte: niemand, want het lijkt me een zeer bedenkelijk plan de in ons goede vaderland bestaande belvedères nog met zulk eene te vermeerderen, daar ze bijna altijd (ik sluit den uitzichtwatertoren op den Wageningschen Berg uit) het landschap door hun opdringerig vertoon of hun schrikkelijk banale nuchterheid ontsieren. En daarbij, Brabant is geen land van groote contrasten tusschen hoog en laag. Al beroemt Oosterhout zich terecht op heel wat „bergen", deze vragen in het geheel niet om uit de hoogte bekeken te worden, daar dan hun relatieve indrukwekkende hoogte geheel vervloeit in het vlaktelandschap en wat de wandelaar „berg" heeft betiteld, door den toekomstigen Belvedère-beklimmer met „molshoop" zal worden gequalificeerd." l)

») Gelukkig schreef de heer A. J. de Grauw, secretaris van Oosterhouf Vooruit", dat na de uitgave van de gids het plan om de molenruïne in een belvedère te herscheppen niet Is doorgegaan, maar dat de molenrest geheel is gesloopt.

Sluiten