Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lingenverkeer en voeren zij indirect de welvaart op van de dorpen hunner omgeving.

Nu de stedeling het recht voor zich eischt om buiten zich te ontspannen en ook in de pers het particuliere groot-grondbezit als een onsociaal verschijnsel wordt genoemd voor een klein, dicht bevolkt landje als het onze, mag het wel eens gezegd worden, dat het bosch in normale tijden (en geen der boomenplanters van de thans „rijpe" of „kapbare" bestanden heeft ooit op oorlogswinst kunnen rekenen) een bedrijf is — vooral zooals dat wordt uitgeoefend in de streken, welke het meest voor het vreemdelingenverkeer beteekenen — dat geen al te groote winst afwerpt, zoo ongeveer 3'/a°/o. Bosch is wel is waar bij een goed beheer en als het veraf gelegen is van publieke verkeerswegen, een vrij betrouwbare geldbelegging, doch dat werd in vroeger jaren alleen ingezien, zegt vader Cats, door:

„de wyste van het volk, de beste van het landt want:

„Die hebben 't veld bezaeyt of bosschen aangêplanf'.

. Een tocht door de majestueuse Middachterbosschen bracht mij meermalen de woorden in gedachte van den heer D. G. Montenberg uit Groesbeek, die zoo juist gezegd heeft, dat hier de meeste fortuinen veelal voor het overgroote deel in buitenlandsche fondsen , of in dito industrieele ondernemingen zijn belegd in tegenstelling met andere landen en voor, het grootgrondbezit in de meeste gevallen al zeer weinig gevoeld wordt. Het groot-grondbezit bestaat nog wel hier en daar in Nederland, zegt de heer M. voor het grootste deel onder de oude adellijke geslachten of patricische familiën, die het van hun voorzaten erfden en tot heden niet onder den hamer brachten. ■Over het algemeen genomen vindt men het echter onbillijk, dat deze toestanden worden bestendigd, alsof daarmede een geest uit lang vervlogen tijden over

Sluiten