Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gouden-bergen-voorspellende buitenlandsche beleggingen, welke toch zoo vaak reeds bij nadere kennismaking bleken slechts „papierwaarde" te bezitten, hunne inkomsten en een groot deel van hun fortuin aanwenden tot de vruchtbaarmaking van den vaderlandschen bodem, tot het verhoogen van het natuurschoon en tot het verstrekken van een veelal goed bestaan aan den armen achterlijken heidebewoner.

Gaarne wil ik — en ik ben overtuigd, dat 'ik hier de tolk ben van alle locale vereenigingen tot bevordering van het vreemdelingenverkeer — dat woord van lof brengen aan de hospitaliteit der Nederlandsche landgoedeigenaren. In het bijzonder zij mij hier vergund nog een persoonlijk woord van dank te brengen aan die landsvrouwen en -heeren, welke in hun plechtige wouden noe- pelecenheid

geven om Seneca's woorden: „Het woud moest de eerste tempel zijn" te huldigen en hun particulier terrein vrijelijk ter beschikking stellen voor het houden van nationale zendinesdaeen. eodsdiensttoe

i openluchtsamenkomsten, waar velen door het gei sproken woord in den tempel van ongekorven hout I gesticht en gesterkt worden, meer dan in de kerken i der steden.

Als men dit alles overweegt, dan zal de geschiedenis 'van zoo menig oud ridderlijk goed — ik denk hier Ibijv. aan Rosendaal, het landgoed, dat op ieder reisj programma van Arnhem en omstreken bovenaan prijkt iin de rij van bezienswaardige oarken — haar ann-

t theose vinden in het feit, dat de hooge verheffing van (den heer boven zijn hoorigen verdwenen is. Daar bijv. (dragen de breede en diepe slotgrachten, waarin zoo rmenig gejaagd hert den dood stierf en die zoo menig Ikeer den burcht beschermend omgaven, niet meer het ssymbool in zich van de klove tusschen hoog- en I laaggeborenen, tusschen beheerscher en beheerschten, rmaar zijn ze door kundige tuinarchitecten als spiegelende vijvers opgenomen in het grootsche parktbeeld, hetwelk open en vrij zijn bloemenschatten ttentoonspreidt voor ieder, die oogen heeft om te

Sluiten