Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoo is meer dan één boomenveteraan beschermd door een natuurliefhebbend schilder, zoo dwong Mr. Sickesz als eigenaar van de Cloese de GelderschOverijselsche tramwegmaatschappij bij den aanleg van haar lijn Lochem-Borculo, de rails in een aanzienlijke bocht te leggen om een aartsvaderlijken beukeboom; zoo weet ik in den omtrek van Winterswijk enkele terreintjes met een uiterst zeldzame orchideeën- en wolfsklauwen-vegetatie,een noglevend hoogveentje en andere landschapspreciosa, die, door een anoniemus voor omploeging werden geredf1).

Hulde zij voor dit alles deze enkelingen en deze locale vereenigingen gebracht!

Doch niet altijd, zelfs bij de beste voornemens, hebben dergelijke pogingen — hoe paradoxaal het ook moge klinken — voor het landschap geWenschte gevolgen. Zeker zijn ze te veroordeelen, wanneer het aan de cultuur of de vernietiging ontrukte natuurgedenkte^ken als „attractie" wordt betrokken in een op exploitatiezucht gelijkende bevordering van het vreemdelingenverkeer.

Op mijn zwerftochten door het mooiste grenslandje, dat ik ken — het Woold achter Winterswijk — werd ik onaangenaam verrast door de algeheele uitgraving en te pronkzetting van den grooten zwerfkei, die ruim 90 jaar geleden op het landgoed Lamers werd ontdekt en al dien tijd half in den zandigen boschgrond verzonken met rust was gelaten. Op pag. 134 van mijn boek over den Gelderschen Achterhoek, verschenen in de photq-uitgaven der Meujenhoffeditie, heb ik dit geval gesignaleerd. Ik meën goed te doen het hier eveneens onder de algemeene aandacht te brengen met een dringende aanbeveling voor de lezing van P. H. van Moerkerkens heemschutnovelle : „De ondergang van het dorp", een boek, dat ik in handen wenschte te zien van ieder bestuurs-

') Na het schrijven van het bovenstaande heeft de Ver. tot Behoud van' Natuurmonumenten het Korenburgerveen — groot 100 H.A. — aangekocht uit eigen middelen.

Sluiten