Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zorg opgekweekt, het kale duin op menige plaats reeds hebben omgetooverd in een sterk geaccidenteerd woud, dat steeds aan schoonheid en uitgestrektheid winnend, den natuurliefhebbenden toerist wéét te lokken diep de eenzame duinen in en dat ongetwijfeld de grootste welvaartbron zal worden voor het dorpje, waar Nic. Beets zijn „Teun de Jager" liet optreden.

Urenlang kan men door de Schoorlsche Staatsduinen dolen, want men heeft met een breeden kijk op de toekomst een weloverwogen wegennet aangelegd, dat nu reeds 40 K.M. lang is en ieder jaar met de ontginningen meer uitgebreid wordt. Die wegen brengen u zonder uitzondering door met harsgeüren bezwangerde boschjes, langs ruige glooimgën naar de vogeldrukke vlakten met de moerassige duinpannetjes, vol rosgouden gagel en blanke P&rnassiabloemen, met de geheimzinnigheid van vleeschetende planten en de aristocratische verschijning van zeldzame orchideeën, al heerlijkheden, waarop onze brave voorvaderen geen acht sloegen. Ze schreveri immers in het laatst der 18de eeuw in hun rapport over deze duinen: „Geheel verwaarloosde bergen, in het midden een volstrekte zandwoestijn. Behalve het witte zand en het hakhout aan den voorkant, worden van deze massa duinen, groot tusschen de 2500 en 3000 morgen, gene de minste voordeden getrokken."

Die wegen kunnen u in Noordelijke richting al dolend ook brengen bij het Ganzenvlak, een groot duinmeer, waar bij uw komst luid snaterend vluchten eenden uit het riet en de biezen opvliegen, om verder aan den veiligen overkant weer weg te duiken tusschen de kruipwilg- en gagelboschjes. Op uw pad ér heen zult ge gaan door vochtige duinpanboschjes van kromme verwaaide dénnen, die in hun karakter veel gelijken op de horsten in het land van de ^Schipbeek. Trouwens heel dit duinheidelandschap geeft trekken gemeen met de voormalige Belt-hèidenj die vroeger in het Oosten van Gelderland op- de överijselsche grens lang niet zeldzaam waren, doch

Sluiten