Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ineens voelde ze, hoe vervelend hij 't gehad moest hebben; den ganschen langen middag, terwijl zij pret maakte.

Ze durfde niet te vragen, of hij bij vader en Martha geweest was; ze vond het vervelend, als hij daar telkens alleen heen ging, maar dreef ze hem er niet zelf toe?

Hij zei niets dan: ,,'t Is laat geworden".

Maar zij was doodop; voelde zich niet prettig ook, wat haar angstig maakte.

„Je bent toch niet boos op me, ventje?" vroeg ze kleinmoedig. En in een plots verlangen zich dicht bij hem te voelen drong ze zich tegen hem aan; begon te schreien.

„Maar Emmi, vrouwtje, wat is dat nou? Ik zeg immers niets. Ik was alleen maar bang, je weet wel waarvoor. Niet schreien, dat is niet goed voor je".

Sluiten