Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de plaats, waar zij lag; oök kon ze van uit het raam den tuin zien, waar de eerste voorjaarsgroenten, spinazie en snijsla al opkwamen: dunne groene rijtjes op donker-grijzen grond. De heggen rondom waren groen-gespikkeld, en ook de boomen, die van verre nog kaal leken, hadden reeds groene puntjes aan hun gezwollen knoppen. Maar er was iets verraderlijks in dit voorjaarsmooi: er woei een scherpe noordoosten wind, en wie zwak was, of vatbaar voor ziekten, deed verstandig in huis te blijven.

Terwijl dokter Snijders, door Martha binnengelaten, de gang doorliep naar 't ziekenvertrek, vroeg hij zich af, of de patiënte nu niet eindelijk komen zou met de ongeduldige vraag: wanneer ze er eens uit mocht? Binnen voelde ze immers enkel de zon, niet den wind. En in 't begin

7. Jong Vrouwtje.

Sluiten