Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Martha zag nog voor zich Emma, zooals ze haar daareven gevonden had, en herinnerde zich meteen menig hard oordeel, dat ze geveld had over 't jonge vrouwtje. Nu zag ze 't als haar plicht de twee, die mee door haar schuld van elkaar vervreemd waren, weer saam te brengen.

Streng voor anderen, doch strenger nog voor zichzelf, vernederde ze zich voor Jan, gelijk ze 't kort geleden voor Emma gedaan had.

„Vader zei lang geleden al, dat ik verkeerd deed met Emma te willen vervormen naar 't geen moeder geweest is. Moeder was een ideaal, maar Emma is anders aangelegd, en kan alleen goed wezen op haar wijze, en niet op die van een ander. Ik zei je dit vroeger nooit, omdat ik vond, dat vader te zacht oordeelde over Emma. Nu weet ik, dat hij gelijk had. Ik heb Emma niet gegeven,

Sluiten