Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Langs een blinde loop van wegen

tot een menig doel volstreefd, eindend in een uitgestegen

overvloed die overweegt. . . waarheen ? als naar alle zijden

zij zich zelf heeft overleefd, waarheen zal de klimop leiden,

die geen leiding wijder heeft ?

Zal wel eens haar rusteloosheid

in berusting overgaan ? of in ijle vruchteloosheid

steunloos naar den hemel staan ? Hooger wil de klimop, hooger,

tracht... en zinkt voor eigen zwaart maar schoon altoos neergebogen

nochtans rijst ze hemelwaart.

Klimop, zonneüchtsbeminde,

wülensterk en wezenbroos, op de sidderende winden

hunkerend, maar machteloos; die met schoonheid wil omwinden

't leven dat haar breidel is, klimop, die wil wegen vinden

naar een droom, die ijdel is —

(Uit : Zwerversweelde)

DE EENZAME PLOEG

Half in de golving van het land, gestremd, gelijk een schip gestrand, in even steigerenden stand de donkre boeg,

Sluiten