Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een blos bloeit over uw tedere wangen Mijn Volk, mijn Vriend, geen die van schaamte brandt, Maar van vreugde, dat wij na 't eindloos lange Onveilig zwerven keeren naar ons land.

Einks en rechts breiden wij de landen uit Rustig en rijk van onze heerschappij Ten dage dat het Hooge Volk weer vrij Geschaard trekt bij het Bazuinengeluid."

Weer thuis hief 'k naar Moeder ten zegen 't hoofd, Want ik was toen kleiner dan mijne Moeder, En zij bad smeekend tot den Albehoeder Die den Sabbath schiep, wiens Naam zij geloofd.

Dat geen vijand des daags mij zou verrassen, Pagad Balajloo in den Nacht niet naken Dat Hij mij trouw liet blijven en zou maken Machtiger dan Ephraïm en Manasse.

Al jeugd vergaat. Moeder ik ben verdwaald, Mijn heete handen tasten in het duister. Moeder, ik wil weer terug naar den luister, Die van onzen heiligen Sabbath straalt.

(Uit: Het Joodsche Lied.)

'T HEREEEFDE EIED

Het Eied laat zich niet door de drift verdringen,. De Daden drijven, maar de Droom verwint. De Dag rust, en mijn hart hoort'weer hoe 't zingen Onkeerbaar zijn eeuwigen tocht begint.

Sluiten