Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bn al de spiegels zullen vangen Jouw jong beweeg. — En óovral in De kamers en de ruime gangen Leeft eigen geur van jong begin. De zon staat op den muur te blinken En glinstert in het blanke grint, Waar Uit de ramen klanken klinken — Van blijde stemmen — in den wind !

In 't Huis zal vreugde zijn ! — De wanden

Staan' om het leven, gouden bruin.

Jij zult er met je vlugge handen

Veel bloemen schikken uit den tuin.

En als de rouw ligt over 't land

In tijd van vocht en bóomenzwart —,

Blinken de ramen vreugde, want

Het Droomhuis won een kloppend hart!

Dat blanke Huis met dichte blinden Staat bij het bosch, met strak gezicht —: Wij zullen 't samen, Liefste, vinden En 't oopnen voor het zonnelicht!

HERFST-LANDSCHAP

Is dit nu de smart, die ik weken verwachtte ? Is dit nu de dood van het zomersche land! — Ik ging naar de velden met stervens-gedachten En vind er een wéreld van kleuren-brand.

't Is zonnige dag, en het land ligt te prijken : Hoe zijn toch de wegen zoo wonderlijk stil — In een eenzame berk zit een vogel te kijken Naar het goudene licht, dat niet óndergaan wil.

Sluiten