Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uw zaligheden smaken moog,

Dan wordt al 't aardsche wrange spijze

Waarvoor de warse zinnen dijzen.

Ontruk me ! Scheur met Uwe handen Wat me aan geschapen troost nog bindt, Ziels honger brandt zooals hij brandde. Geen schepsel ooit een liefde vindt, Die al mijn honger zoude laven, Die al mijn dorst verkwikking gave.

Maar zoo gij, Jezus, wildet weven

Der minne band om mij en U,

Als 'khart aan hart met U mocht leven

Wat zou ik zoeken buiten U ?

0, volheid onzer lafenissen,

De al-eene smart is U te missen!

DE EERSTE RUST E e g e n d e

De Ster staat hoog te schijnen, Haar licht blinkt in het dal. Sint Jozef met den ezel Die wachten vóór den stal. ,,De nacht is stil, het is de tijd" : Maria komt, het Kindje schreit.

Maria die mag rijden..

Ze kust het Kindje zoet.

Ze gaan door stad en velden,

Sint Jozef gaat te voet.

De nacht is leeg, de weg is ver.

Ze kijken naar de lichte Ster.

Sluiten