Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dan had zijn wijde vlucht gehangen over plassen die stil zijn op het strand, en dan over den vloed opstijgerend geheerscht, die — in de kreek gewassen — de wateren omlaag in oproer komen doet.

De naakte wanden langs en glinsterige muren waarachter ver het land der koele weiden lag, dreef ongetroost, in de verlorenheid der uren, de zware weemoed van z^jn matten vleugelslag.

Maar toen over de zee het licht is losgebroken, de wolkenwonden uit die stroomend zijn van bloed, is ruischend in dat vuur de vogel afgestoken, den hoogen hemel in, den morgen tegemoet.

HET FEEST

Verwachtingsvol de stad bij donker ingetrokken, zoodat alleen de sombere omtrek ons verscheen, ontwaakten wij bij het gebeier van de klokken, die zongen, hoog en vol, over de huizen heen.

Het tintelde in de lucht. De wolken schoven over,— waren ze ons ooit zoo schoon verblindend wit geweest ? — De luwe morgenwind bewoog zich in het loover, de zomerdag brak aan. — Het was Maria's feest.

Wij zagen, rank en stil, vanaf de steenen treden bij den beganen grond, de spitse kathedraal als uit gesneden licht getogen, en beneden de menschen zwermen om het donkere portaal.

Sluiten