Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wat zit gij hier en treurt en ziet

Nooit einde aan uw beginnen ? Voor droomers is de wereld niet

Noch 't geen zij daar berninnen.

„Gij licht bedroefd en licht getroost,

Als door den wind bewogen, Welk droombeeld zaagt ge in 't licht van d'Oost

En is daarmee vervlogen ?"

En toen Pierrot ten antwoord gaf,

Terwijl zijn oogen brandden, En nam niet van zijn voorhoofd af

Zijn saamgeslagen handen :

„Wie sterk is, wijl hij 't leven kent

En ieder leed wil dragen, Bereike 't voorgenomen end

Of valle zonder klagen.

„Hem 's werelds hope ! Maar zij haat

Elk omzien of herdenken En wie het uur ontglippen laat

Zal nooit zij zege schenken.

„Heeft ooit mijn hart iets liefgehad,

Dat heb ik nooit verworven, Zoodra ik 't ooit had aangevat

Is 't voor mijn oog gestorven."

En weder sprak tot hem de nacht Of 't moeders troostwoord ware,

't Was of een hand ging, mijmerzacht, Al zoekend langs de snaren :

Sluiten