Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op deze wijze is een ontelbaar aantal combinaties tusschen aanvallen, verdedigingen en na-aanvallen te bedenken. In het algemeen verdienen die verdedigingsbewegingen het meeste aanbeveling, die ons brengen aan de buitenzijde van den aanvallenden arm. Men behoeft zich dan niet te dekken tegen een aanval van den anderen arm en heeft beide armen vrij voor den na-aanval, komt dus in de gelegenheid een dubbelen nastoot toe te brengen.

Een geoefend tegenstander zal in de meeste gevallen na een aanval trachten dicht op te sluiten. Nastooten zullen dan ook gewoonlijk halfarmstooten zijn.

INVECHTEN.

Hieronder verstaat men elk gevecht op korten afstand, waarbij dus halfarmstooten alleen te gebruiken zijn. De grootste moeilijkheid van invechtenisden tegenstander op dien korten afstand te naderen. De eenvoudigste methode is lukraak in te loopen, doch, vooral tegen een frisch en krachtig tegenstander, is deze niet aan te bevelen.

Beter is het af te wachten tot men door een geslaagde verdedigingsbeweging in een gunstige positie ten opzichte van hem komt, hetzij door een wering, die hem een oogenblik het evenwicht doet verliezen, hetzij door een ontwijking in een schuinvoorwaartsche richting.

Men kan ook trachten hem vanaf den normalen afstand een flinken treffer te bezorgen om dan onmiddellijk daarna in te stappen en hem een serie halfarmstooten (hoek- en opstooten) toe te brengen.

Dan kan men nog — en dit is vooral zeer bruikbaar tegen een tegenstander, die een wilden aanval met zwaai- en hoekstooten waagt — een der dubbeldekkingen (zie bldz. 29) aannemen en het einde van zijn aanval afwachten om dan onmiddellijk aan te vallen met een serie halfarmstooten. Vooral de op bldz. 29 sub le genoemde dekking is zeer nuttig in deze gevallen. De laatste wijze van invechten heeft het voordeel, dat men in ieder geval tusschen de armen van den tegenstander komt, zoodat men, door eenvoudig de schouders op te trekken voldoende gedekt is tegen

3

Sluiten