Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Iets over tactiek en techniek en eenige aanwijzingen voor de oefeningen.

Er heeft mij wel eens iemand gevraagd : hoe leert men voetballen en al loopt men meer dan twintig jaar in de voetbalwereld rond, dan staat men toch, als zoo'n vraag gedaan wordt, 'n wijle met den mond vol tanden. Want hoe gaat 't 1 Wij ouderen krijgen alleen spelers te zien, die er al tenminste zooveel van kennen, dat ze in bondswedstrijden kunnen uitkomen en hoe ze geleerd hebben, wat ze er van kennen, daar wordt maar heel zelden over gepraat en daar kotot maar weinig van aan 't licht.

In den tijd dat ikzelf speelde, waren er nog geen oefenmeesters, trokken we een paar voetbalschoenen aan en mochten dan met de oudere jongens van de,club wat meetrappen. Je leerde 't dan feitelijk van 't afkijken ; je zag hoe zoo'n oudere, zoo een uit 'teerste elftal, een hoogen bal onmiddellijk stopte en onder z'n controle bleef houden ; je zag hoe hij een center in eens opving en tot een doelpunt verwerkte ; je zag wat samenspel was, wat terugspelen was, wat driehoekspel was en je probeerde dat voor jezelf na te doen. Je imiteerde de trucs van anderen en was je vindingrijk genoeg, dan maakte je er zelf nieuwe trucs bij en paste die weer toe in de Wedstrijden of bij de oefeningen.

Verder leerde je veel uit de verhalen, die de ouderen deden. Als je mee mocht, als broekje, op reis werd de heele strategie van 't voetbalveld in den trein uitgeplozen en na afloop, terug naar huis, werd de wedstrijd geanaliseerd en nog eens mondeling overgespeeld en dan kreeg je er van langs, werden je blunders gesignaleerd en^ vertelden zij, die het beter wisten, je, hoe je een en ander dan wèl had moeten doen.

't Zal nu bij de meeste vereenigingen nog wel precies eender gaan, denk ik zoo, want hoeveel er precies zijn weet ik niet, maar een dozijn oefenmeesters hebben we in Holland toch nog niet rondloopen. Voor 't meerendeel zijn dit gewezen Engelsche beroepsspelers, die 't spel voortreffelijk kennen en begrijpen, maar daarom nog niet altijd de flair hebben, om hun wetenschap aan anderen dienstbaar te maken. Heel goed is 't natuurlijk, als een geroutineerd oefenmeester in dienst van een club is en de oefeningen leidt, mits dan de spelers ook geneigd

Sluiten