Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van vrije schoppen. De tweeledigheid van de taak maakt haar ook zoo zwaar. In Holland hebben 'we meer middelspelers, die werk maken van de verdediging, dan van 't assisteéren van de voorhoed© en dit is een groote tekortkoming. Heel dikwijls is dan ook de slechte kwaliteit van een ploeg 't gevolg van de impotentie van de middelUnie.

De middellinie heeft ook tot taak 't verband tusschen voorhoede en achterhoede te onderhouden. De middelspeler maakt bij een aanval van de tegenpartij zoo mogehjk den bal voor z'n eigen achterspeler vrij. Hij dekt de aanvallers, die willen ingrijpen in het verdedigingswerk en zelf neemt hij in dat werk een actief aandeel, doordat de vleugel-middelspelers de binnen-voorwaartsen bewaken en de spil aangewezen is, de wacht te houden bij den middenvoor van de tegenpartij. In benarde omstandigheden, als de middelspeler in de knoei zit, speelt hij terug op zijn aohterspelers, wat deze op hun beurt kunnen doen op den doelman, een tactiek, die nog altijd veel te weinig wordt toegepast en toch nog altijd zoo heilzaam kan werken, om opluchting te brengen, als 'tin de verdediging gaat spannen. De taak van den middelspeler is 't ook den bal op te vangeji, als hij uit 't vijandelijke kamp komt. Een hoogen bal bewerkt hij dan 't best met 't hoofd, door den bal te koppen naar een vrijstaand partijgenoot.

Dit koppen doen natuurlijk de andere spelers ook, maar de meesten in Holland kennen 't nog niet. Hier laat men den bal op 't hoofd stuiten, maar de goede kopper geeft den bal met 't hoofd een forschen stoot en stuwt het leder in de richting, die hij gewenscht acht.

De middelspelers moeten in 't bijzonder hierin bedreven zijn.

't Mooiste deel van hun taak is evenwel 't steunen van de voorhoede. Zij zijn in staat, een middelmatige aanvalslinie kracht en fut in te blazen en een subliem middelspeler, als b. v. de Korver van Sparta is, is in staat om de voorhoedespelers, die hij vóór zich heeft, successen te laten boeken.

De tactische middelspëler houdt den bal, als hij kan, zóó lang bij zich, dat hij de verdedigers van de tegenpartij naar zich toelokt, waardoor z'n eigen voorhoedespelers vrij komen, althans verlost worden van een deel van hun bewaking. En dat is dan het oogenblik om den bal naar voren te passeeren.

De tastiek van de voorhoede is wel de ingewikkeldste en een gave aanvalslinie, zonder zwakke stee is dan óok in Nederlandsen voetbal met een kaarsje te zoeken. Ik heb althans maar heel weinig aanvalslinies gekend, die een mooi en af geheel vormen, zonder hiaten. Wel komt natuurlijk voor, dat een enkeling met superieure kwaliteiten als voorhoedespeler een geheele linie goed maakt en ook gebeurt 't wel, dat twee spelers, die voortreffelijk zijn met elkaar een schitterenden vleugel vormen.

De voorhoedespeler moet over buitengewone snelheid beschikken, 't Samenspel, wat hij moet leveren met zijn buurlui en met den mid-

Sluiten