Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Veda, waar de hoogste god wordt geprezen als „de Verslindef", en wel als volgt:

Krijgslieden en priesters eet hij als brood, Dompelt hen in het zweet des doods,

Evenals namelijk de wereld in Brahma haar ontstaan heeft, zoo is het ook met haar ondergang, daar Brahma haar bestendig doet ontstaan en ondergaan. Zoodoende is hij niet alleen de schepper van alle wezens maar ook hun verslinder; krijgslieden en priesters zijn hier slechts als de voornaamsten genoemd, doch zij vertegenwoordigen allen. Zoo heet het ook op een andere plaats:

„Ik verslind allen, maar niemand verslindt mij."

Deze woorden sprak namelijk de hoogste god, toen hij in de gedaante van een ram den jongeling Medhatithi naar den hemel voerde. Deze, zich ergerende over zijn geweldadige ontvoering, verlangde te weten wie het was die hem wegvoerde. „Zeg mij, wie gij zijt, anders zal ik, een brahmaan, u mijn toorn doen gevoelen!" Toen gaf hij, in de gedaante van een ram, zich fe kennen als de hoogste Brahma, die alles in allen is, met de volgende woorden:

Wie is het, die doodt en vangt?

Wie is de ram, die u ontvoert?

Ik ben het, die in dezen vorm optreed,

Ik ben het, die in alle vormen optreed. Als iemand vreest — wat zijn vrees ook zij — Ik zelf ben hij die vreest, waarvoor gevreesd wordt Toch is het verschil niet te overzien; — Ik verslind allen, doch niemand verslindt mij. Wie kan mij begrijpen of verklaren? Ik bewaak alle vijanden, doch niemand bewaakt mij.

Sluiten