Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor jou vrees ik eerder, dat je eenmaal na een roemrijk rooversleven op een openbare plaats gespietst zult worden. Maar dat heeft inmiddels nog den tijd.

Ik kan niet zeggen dat deze troost mij bijzonder opwekte en het was mij daarom geen geringe verlichting, toen onze oude, trouwe dienaar met de gevorderde som aankwam, meer dan een week vóór den bepaalden tijd. Ik nam afscheid van mijn vreeselijken gastheer, die, in herinnering aan zijn verslagen vriend mij duister aankeek, alsof hij mij liever doormidden had laten zagen en hartelijk drukte ik de hand van den brahmaan, die zijn tranen van ontroering terugdrong, in het vooruitzicht dat wij eikaar nog eens zouden ontmoeten op Kalis nachtelijke paden.

Zoo vertrokken wij dan, vergezeld van vier roovers, die met hun huid er voor moesten instaan dat wij veilig in Ujjeni kwamen. Want Angulimala, die zeer stipt was op zijn roovers, had hun namelijk bij het afscheid beloofd, hen de huid over de ooren te trekken en ze aan de vier hoeken van een kruisweg op te hangen, indien zij ons niet in behoorlijken toestand in Ujjeni afleverden — en hij was er vobr bekend, altijd zijn beloften gestand te doen.

Gelukkig werd het in dit geval niet noodig en de vier roovers, die zich onderweg flink gedroegen, zijn vermoedelijk op het oógenblik nog werkzaam in den dienst van de met het doodskoppenhalssnoer getooide danseres Kali.

Wij naderden Ujjeni zonder verdere gebeurtenissen en waarlijk ik had genoeg aan degenen die ik beleefd had.

Sluiten