Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zonsopgang moet geschieden en dus het daarbij behoorende vers er niet meer op toepasselijk was.

De kroon van het gansche werk moesten we daardoor laten vervallen en ons behelpen met een soort van jongen, die in allerijl gehaald werd en wiens moeder slechts zonen ter wereld had gebracht. Doordien de voorzorgsmaatregel, waarop mijn vader al zijn hoop gevestigd had, nu mislukt was, was hij daardoor in zulk een gemoedsbeweging geraakt, dat ik werkelijk de vrees koesterde dat een beroerte eensklaps een einde aan zijn dierbaar leven zou maken. Waarschijnlijk is hij op dat oógenblik niet dood gegaan, alleen om reden dat hij daarmede aan de ceremoniën de allergrootste afbreuk zou doen. Evenwel toen kwam die troostende gedachte niet bij mij op. Gepijnigd door dien verschrikkehjken angst, moest ik onder het wachten op het plaatsvervangende kind, onafgebroken toepasselijke vedaspreuken opzeggen, totdat er eindelijk een rustpauze zou aanbreken.

In dat uur gaf ik mijzelf de vaste belofte, dat wat er ook mocht gebeuren — trouwen zou ik nooit meer.

Toen nu eindelijk alles afgeloopen was, moest ik nog twaalf nachten met mijn vrouw doorbrengen in volkomen onthouding, slapende op den kalen vloer. Dezen keer moesten het namelijk twaalf nachten zijn, omdat mijn vader van oordeel was dat wij hever te veel dan te weinig van het goede moesten doen. Daarbij voelde ik het vooral als een pijnlijke ontbering, dat ik mij al dien tijd ■ mijn fijne, gekruide spijzen moest ontzeggen.

Inmiddels werd ook deze proef doorstaan en het leven

Sluiten