Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tot nu toe had ik geleefd in zulk een voortdurende afwisseling van vermaken en bezigheden, dat ik eigenlijk nimmer tot bezinning was gekomen. En toen ik mij nu hier alleen bevond, in een vertrek met uitzicht op de zuilenhal en den tuin, zonder het geringste te doen te hebben, alleen te midden van het doodstille paleis: — toen beleefde ik voor het eerst uren, die sedert mijn vroegste jeugd geheel mijzelf toebehoorden. Zoo begonnen dan ook mijn vrijgekomen gedachten zich voor het eerst op mijzelven te richten; mijn gansche leven trok mij voorbij. En terwijl ik het zoodoende als een vreemde aanschouwde, kon ik er geenszins behagen in hebben.

Eenige malen moest ik deze beschouwingen onderbreken om door huis en tuin een ronde te doen, ten einde mij te overtuigen dat het volk waakte, Toen ik nu voor den derden of vierden keer de zuilengang weder betrad, ontdekten mijn oogen, die gedurende de menigvuldige karavaanreizen de ervaring daartoe hadden gekregen, uit den stand der sterren, dat het nog slechts een half uur voor middernacht was. Ik haastte mij de posten weder rond te gaan om mijn mannen tot de uiterste waakzaamheid aan te sporen. Zelf voelde ik mijn bloed hameren in al mijn aderen, terwijl mijn keel van angstige spanning werd toegeknepen.

Teruggekeerd in mijn kamer, zette ik mij neder als te voren. Doch geen gedachte kon ik meer vasthouden; ik voelde een drukking op de borst en weldra was het mij alsof ik zou stikken. Ik sprong op en ging tusschen de zuilen om wat frissche lucht in te ademen. Een zacht

Sluiten