Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haren, in die richting moet gij gaan," dan zou hij door van dorp tot dorp verder te vragen, onderricht en met beleid het land der Gandharen weder bereiken: — zoo is ook de man, die hier op aarde een leeraar gevonden heeft, zich ten volle bewust: Ik zal deze wereld slechts zoo lang toebehooren totdat ik verlost ben en dan wil ik huiswaarts gaan."

Nu had ik zeer goed bemerkt dat het dezen brahmaan te doen was om mij tot zijn leerling te krijgen, doch juist deze begeerigheid gaf mij geen vertrouwen. Echter trokken mij de aangehaalde woorden uit de Veda bijzonder aan en mijn weg vervolgende, herhaalde ik ze bij mij zelf om ze in het geheugen te prenten. Tegelijkertijd herinnerde ik mij wat ik eenmaal over een meester had hooren zeggen: „de Volmaakte heeft geen begeerte naar discipelen, doch de discipelen hebben begeerte naar den Volmaakte." Dit moet dus een geheel ander man wezen dan de brahmaan uit het bosch, dacht ik, en, eerwaardigste, er kwam een sterk verlangen bij mij op naar dien niet-begeerigen meester.

— Wie was die meester, dien gij zoo hebt hooren prijzen en hoe noemt hij zich?

— Dat is, o broeder, de asceet Gautama, de Sakyerzoon, die afgezien heeft van de erfenis der Sakyers. Deze Gautama wordt overal begroet met den blijden uitroep: Hij is de Verhevene, de Heilige, de in weten en wandel beproefde, de meester van goden en menschen, de volkomen ontwaakte, de volmaakte Buddha. En in den naam van den Volmaakte wandel ik nu en zijn leer wil ik volgen.

Sluiten