Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in stede dat een roover was terechtgesteld, was er nu van een roover een heilig man geworden.

En toen de koning mij genadig had toegezegd, dat hij mijn gemaal opnieuw zijn volle gunst zou schenken, zeide ik tot Satagira:

— Nu heb ik mijn belofte gehouden. Houdt gij nu ook de uwe en sta mij mijn eenige bede toe. Deze is dan, dat gij mij vergunnen wilt in Buddha's heilige orde te treden.

Met een zwijgenden hoofdknik gaf Satagira zijn inwilliging te kennen, die hij mij dan ook moeielijk had kunnen weigeren.

Koning Udena, thans volkomen gerustgesteld, stond op, trad op Angulimala toe, sprak vriendelijk en eerbiedig met hem en beloof de hem zijn vorstelijke bescherming. Zich daarop weder tot Buddha richtende, boog hij diep en zeide:

— Wonderbaar, o heer, is het inderdaad, hoe de Verhevene het ontembaarste getemd heeft. Want deze Angulimala, die wij niet konden bedwingen, noch met straf, noch met het zwaard, hem heeft de Verhevene bedwongen zonder straf of zwaard. En dit dubbel en driedubbel heihge bosch, waar een dergelijk wonder ons werd geopenbaard, zal van nu af aan tot in eeuwige tijden de heihge orde toebehooren. En de Verhevene zal mij toestaan, dat ik daarin een gebouw laat plaatsen tot een verblijf voor de monniken en een ander voor de nonnen.

Onder een waardig zwijgen aanvaardde de Volmaakte deze koninklijke gave.

Sluiten