Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met deze spreuk gereedgekomen ben, wanneer ik mij haar beteekenis volkomen heb toegeëigend, dan tot den Verhevene te gaan om een nieuwe spreuk te ontvangen?

<&•% Indien gij nog noodig hebt er om te vragen, is het u toegestaan.

— Hoe zou ik dat niet noodig hebben? Gij, o heer, zijt immers onze toevlucht!

— Neem uw toevlucht tot uzelf, neem uw toevlucht tot de leer!

— Dat wil ik, doch gij, o heer, zijt immers die uwer discipelen; gij zijt de levende leer. En gij hebt immers gezegd: „het is u toegestaan."

— Wanneer de weg u niet te vermoeiend is.

Geen enkele weg kan mij te vermoeiend zijn.

— De weg is lang, Vasitthi. De weg is langer dan gij denkt, langer dan menschengedachten het zich kunnen voorstellen.

— Al ging de weg ook door duizend leVens, over duizend werelden: geen enkele weg zal mij vermoeien.

— Laat het dan goed zijn, Vasitthi! Denk aan de spreuk. Het ga u goed!

In dit oógenblik verscheen koning Udena met groot gevolg om afscheid te nemen van den Verhevene.

Ik trok mij terug in de achterste rij, alwaar ik een tamelijk verstrooide getuige was van wat daar voor mij plaats had. Want ik kon niet ontkennen dat ik mij eenigszins teleurgesteld voelde met die opvallend gemakkelijke gedenkspreuk, welke de Volmaakte mij toegewezen had. Verscheidene der zusters waren veel moeilijker woorden ter geestehjke overdenking gegeven,

Sluiten