Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geest zich weer eenigszins boven pijn en koortsgloed kon verheffen, namen mijn plannen een nieuwe richting. Niet daar, waar ik Angulimala had heengezonden, maar waar hij nu uit eigen beweging heenging. Ik wilde het ^poor van den 'Verhevene volgen, totdat ik hem bereikt had. Was ik dan nu niet ten einde gekomen met mijn gedenkspreuk? Hoe lijden ontstaat met de liefde, had ik immers op het pijnhjkst ondervonden? Zoo durfde ik dan Buddha te gaan opzoeken ten einde opnieuw kracht te putten uit zijn geheiligde persoonlijkheid, om opnieuw te kunnen streven naar het hoogste doel.

Ik vertrouwde mijn goede Medini dit voornemen toe, welke deze onverwachte gedachte dadelijk met groote instemming toejuichte en zich in haar kinderlijk gemoed reeds voorstelde hoe heerlijk het zou zijn, met mij hefehjke streken te doorkruisen, zoo vrij als vogels in de lucht wanneer de trektijd hen naar verre hemelstreken roept.

Weliswaar moesten wij nog zoolang geduld oefenen totdat ik voldoende op krachten zou zijn gekomen, en toen dit nagenoeg het geval was, onderwierp de reeds ingetreden regentijd ons aan een nog grootere geduldproef.

In zijn laatste voordracht had de Verhevene ons toegeroepen :

„Evenals in de laatste maand van den regentijd, in den herfst, na de uiteenjaging en verdrijving der met water bezwangerde wolken, de zon aan den hemel komt en stralend alle nevelen der lucht oplost, vlamt en licht verspreidt, zoo, discipelen, moet ook uw levenswandel

Sluiten