Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vormen, den nieuwen werelddageraad te genieten; ieder op zijn plaats, ieder naar zijn kracht! —

En wezens en werelden traden nu te voorschijn uit de duisternis van het niet-zijn, ster naast ster. En als het gejubel van honderdduizenden stemmen en het geschal van honderdduizenden pauken en bazuinen, weerklonk het: x

— Heil den honderdduizendvoudigen Brahma, die ons tot den nieuwen werelddageraad roept! Heil ons, dat wij geroepen zijn den nieuwen werelddageraad met hem te genieten en zijn goddelijken glans zalig te weerspiegelen !

Toen Kamanita dit zag en hoorde, werd hij door een innig medelijden bewogen,

— Deze wezens en deze werelden, deze sterregoden en zelfs de honderdduizendvoudige Brahma — allen juichen nu den werelddageraad toe en verheugen zich over het leven; en waarom? Omdat zij het niet kennen!

Door dit medehjden met de wereld, met de godenen met den hoogsten god overwon Kamanita de laatste rest van eigenliefde. En hij overwoog met zichzelf:

— Ook in den loop van dezen werelddag zullen er volmaakte Buddha's opstaan en verkondigen. Wanneer 'nu deze godheden de reddingsboodschap zullen hooren en zich dan herinneren, dat zij bij het eerste aanbreken van den werelddag een wezen hebben gezien dat de wereld verhet, dan zal deze herinnering hun tot voordeel strekken: „Een enkele uit ons midden, als een deel van ons, is dien weg alreeds voorgegaan," zullen zij zichzelven zeggen en dit zal hun redding bevorderen.

Sluiten