Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onmacht lag, en hadden zich oogenblikkelijk in vollen galop verwijderd. Het spoor der schakers was nagegaan tot aan de presidio van Tubac, waar don Torribio zijn bende eenige dagen had laten uitrusten ; aldaar had hij een gesloten palankijn aangekocht, een groote veldtent en de noodige levensmiddelen voor een langdurige reis in de woestijn. Op zekeren nacht was hij plotseling verdwenen met zijn geheelen troep, die intusschen, uit de presidio door een aantal lieden met dubbelzinnig karakter versterkt en vandaar vertrokken was zonder dat iemand wist te zeggen waarheen. Deze berichten waren zeker onbestemd genoeg, maar toch in zooverre voldoende, dat zij den ouders van het vermiste kind aanleiding gaven om hunne nasporingen voort te zetten."

„Ik geloof dat nu ik begin te begrijpen waar gij heen wilt, vriend," viel Loer-Vogel hem in de rede; „maar ga voort met uw verhaal; als gy klaar zijt zal ik eenige opmerkingen maken, waarvan gij, naar ik vertrouw, de juistheid zult moeten erkennen."

„Ik verlang niets liever, mijn goede kameraad," antwoordde Vrij-Kogel, en hij vervolgde: „Zeker iemand, die mij twintig jaar geleden een gewichtigen dienst had bewezen en dien ik sinds al dien tijd niet weder ontmoette, zoodat ik hem zelfs niet zou hebben herkend, als hij mij zijn naam niet genoemd en mij eenige bijzonderheden had aangegeven die ik onmogelijk vergeten kon, kwam mij by gelegenheid opzoeken; Ruperto en ik bevonden ons juist aan het presidio de Tubac om eenige tijger- en pantervellen te verkoopen. De man, die ik bedoel, deelde mij alles mede wat ik u thans verteld heb; hij voegde er nog bij dat hij een zeer nauwe bloedverwant van het meisje was, en herinnerde mij toen den dienst dien hij mij eenmaal bewezen had; kortom, hij wist mij zoodanig te bepraten, dat ik mij verbond om hem te helpen zich op zijn vijanden te wreken. Twee dagen later gingen wij samen op weg om de bandieten op te sporen; voor iemand die zoo bedreven is als ik, om het spoor der Indianen te vinden, was het opsporen der bandieten slechts kinderspel, en weldra bracht ik hem tot in de nabijheid der Spaansche karavaan onder commando van don Miguel Ortega."

„Maar die andere heette immers don Torribio Carvajal ?"

„Kon hij dan zijn naam niet veranderd hebben ?"

„Waartoe zou dat dienen in de woestijn ?"

„Uit voorzorg, in geval dat men hem wilde vervolgen."

„De ouders schijnen dan wel belang te hebben gehad bij die vervolging ?"

„Don José verzekerde mij dat hij de oom van het meisje was, en dat hij haar altijd zoo lief had gehad als een vader."

„Maar zy was immers doöd, ten minste ik meen dat gy mij dit gezegd hebt, als ik mij niet vergis."

Vrij-Kogel krabde zich achter het oor.

„Dit is het juist wat de zaak zoo duister maakt," zeide hij; „het schijnt dat zij alles behalve dood is, integendeel...."

„Ei ei I" riep Loer-Vogel, „is zij niet dood 1 En die oom, weet dit, en het is dan met zijn toestemming geweest dat men het arme schepsel levend heeft begraven 1 Maar als dat zoo is, dan steekt er een verfoeilijk geheim achter:"

„Dat is waarachtig waar ook 1" stotterde de Canadees met een onvaste

Sluiten