Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„En gij, hoe heet gij ?" „Vrij-Kogel."

De jonkman ontroerde en strekte de hand uit.

„Uw hand," riep hij ; „gij hadt reden daar even te zeggen dat gij myn vriend waart, want gij zijt het reeds sedert lang; Loer-Vogel heeft mij dikwijls van u gesproken."

„Wij zijn sedert meer dan dertig jaar aan elkander verbonden."

„Dat weet ik; maar waar is hij toch, dat ik hem niet zie ?"

„Hij is ongeveer twee uren geleden naar het kamp der uwen gegaan om hulp te halen."

„Hij denkt aan alles."

„Wat mij betreft, ik ben hier gebleven om u op te passen en te waken zoo lang hij weg was; maar hij zal spoedig terugkeeren."

„Denkt gij dat ik lang gedwongen zal zijn om mij stil te houden ?"

„Neen, uw wonden zijn niet ernstig. Wat u thans het meest neerdrukt, is de zedelijke schok die uw gestel gekregen heeft en vooral het bloed dat gij verloren hebt bij uw tocht over de Rubio."

„Deze rivier dus ?..."

„Is de Rubio."

„Ben ik dan nog altoos op dezelfde plaats waar de strijd eindigde ?" „Ja."

„Hoe lang denkt gij wel dat ik in mijn tegenwoordigen toestand blijven zal ?" „Vier of vijf dagen."

Thans kwam er weder een poosje stilte in dit moeilijk en afgebroken gesprek.

„Gij hebt mij gezegd, dat hetgeen mij het meest nederdrukt, de zedelijke schok is die mijn vermogens getroffen heeft, niet waar, hebt gjj niet?" begon don Miguel opnieuw.

„Ja, dat heb ik gezegd."

„Denkt gij niet dat ik door een krachtigen en onverzettelijken wil een gunstige verandering in dezen toestand zou kunnen brengen ?" „Dat zou ik wel denken." „Geef mij uw hand." „Ziedaar."

„Goed, ondersteun mij een weinig." „Wat wilt gij doen ?" „Opstaan."

„Goddank I ik heb het wel gezegd dat gij een man waart. Komaan dan, ik geef u verlof, beproef het."

Na eenige vruchtelooze pogingen gelukte het don Miguel eindelijk zich op de beenen te houden.

„Eindelyk I" riep hij op een toon van triomf.

Maar bij den eersten stap die hij deed, verloor hij het evenwicht en viel op den grond.

Vrij-Kogel kwam hem te hulp.

„Laat mij begaan," riep don Miguel, „Iaat mij begaan, ik wil mij alleen zien op te heffen."

Hij slaagde werkelijk. Ditmaal nam hij zijn maatregelen beter dan de eerste keer, en het gelukte hem om eenige stappen te doen.

Sluiten