Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hopelooze stelling bevindende, genoodzaakt is zich over te geven. Aan den hevigsten angst ten prooi en niet wetende hoe hij den storm moest bezweren die reeds boven zijn hoofd loeide, zocht hij te vergeefs naar middelen om aan de handen die hem aan alle zijden vasthielden te ontsnappen. Zijn anders altijd zoo vindingrijke geest verschafte hem geen enkele uitvlucht of list, die hij met goed gevolg zou kunnen aanwenden en volhouden in dezen veegen strijd met een onbekende vijandige macht; vruchteloos putte hij zijn vernuft uit, hij vond niets.

Eensklaps stond hij weder op, en met de snelheid der gedachte sloeg hij de hand op de borst.

„Ach I" riep hij in vertwijfeling uit, terwijl hy zijn arm opeens machteloos langs zijn lijf liet zinken, „waar is mijn portefeuille ?"

Hij zocht haastig om zich heen, maar vond niets.

„Als zij die in hun bezit hebben ben ik verloren," vervolgde hy; „wat moet ik beginnen ? wat zal er van mij worden ?"

Een dof gedruisch van paardenhoeven klonk op dit oogenblik in de verte en scheen allengs nader te komen.

Weldra werd het geluid sterker en kon men gemakkelijk de komst van een talrijke troep ruiters onderscheiden. Eindelijk, na verloop van een kwartier, trok een dertigtal woudloopers onder geleide van Vrij-Kogel het kamp binnen.

„Vrij-Kogel onder de bandieten ?" mompelde don Stefano, „wat kan dit beteekenen ?"

Zijn onzekerheid duurde niet lang; de nieuw aankomenden droegen in hun midden een man op een baar, welke door don Stefano onmiddellijk werd herkend.

„Don Miguel Ortega ? — O ! o I" vervolgde hij een oogenblik later met een bitteren glimlach, „nu ken ik myn aanklager. — Geen nood, geen nood," riep hij in zichzelven, „mijn zaak [staat nog zoo hopeloos niet als ik gevreesd had; het blijkt thans dat deze mannen van niets weten en dat mijn onschatbare papieren, ten minste niet in hun handen zyn geraakt. Ik denk dat die verschrikkelijke Lynchwet voor ditmaal ongelyk zal krijgen en dat ik aan het tegenwoordig gevaar ontsnappen zal, even als aan zoo vele anderen."

Don Miguel werd voorbij gedragen zonder don Stefano te zien, of wat waarschijnlijker is, hij hield zich alsof hij hem niet zag. Don Stefano intusschen, daar hij er te veel belang by had om niet de minste bijzonderheid van hetgeen er rondom hem gebeurde onopgemerkt te laten, volgde met oplettenden blik, ofschoon tevens met onverschillige houding, iedere beweging der jagers. Na de draagkoets te hebben nedergezet, aan de andere zijde van het kamp dan die waar don Stefano zich bevond, formeerden de Gambucinos, zonder van hunne paarden te stijgen, een kring rondom het kamp en bleven onbeweeglijk staan, met de karabijn op de dij, door welke manoeuvre iedere poging tot vluchten hem onmogelijk werd.

Nadat er een vuur van dorre takken was ontstoken, trad don Miguel uit zijn draagkoets. De bisonsschedels, vijf in getal, en bestemd om tot zetels te dienen, werden er in een halven kring omheen gelegd. Op deze schedels namen vyf mannen onmiddellijk plaats. Deze vijf mannen zaten in de volgende orde: don Miguel Ortega, die den post van president bekleedde, in

Sluiten