Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Don Miguel was terstond met zijn antwoord gereed.

„Gesteld eens," zeide hij, „dat uw verklaring waarheid was, hetgeen ik niet toegeef, daar er te veel bewijs voor het tegendeel bestaat, waarom hebt gij mij willen vermoorden, mij, die het meisje heb gered, wier ongeluk u ter harte gaat, en dat gij in de armen van haar vader wildet terugvoeren ?"

„Begrijpt gij dat nog niet ?" riep don Estevan met geveinsde verwondering, „moet ik u dan alles zeggen 1"

„Ja, alles," hernam de jonkman kortaf.

„Welnu dan! ja, ik heb u willen vermoorden, omdat men mij aan het presidio de Tubac verzekerde dat gij mijn nicht had opgelicht, met het oogmerk om haar te onteeren; ik heb mij derhalve willen wreken over den hoon, dien ik dacht dat gij haar hadt aangedaan."

Bij deze woorden werd don Miguel bleek van verontwaardiging.

„Eerlooze schurk !" riep hij met een donderende stem, „durft gij mij zulk een schandelijken laster in 't aangezicht te zeggen ?"

De toehoorders hadden over de lage verdachtmaking van don Estevan wraak geroepen, en ondanks zijn vermetele stoutmoedigheid gevoelde hij zich overvleugeld en was hij gedwongen het hoofd te buigen voor de algemeene afkeuring.

Thans stond Loer-Vogel op en richtte het woord tot allen.

„Caballeros," begon hij, „gij hebt de beschuldiging gehoord tegen dezen man door zijn eigen broeder ingebracht. Gij hebt de houding gezien die de aangeklaagde onder deze beschuldiging heeft aangenomen, gij hebt daarbij ook zijn verdediging gehoord; wij hebben hem de vrijheid gelaten om alles te zeggen, zonder hem in de rede te vallen of hem vrees aan te jagen; thans is het uur gekomen om er uw oordeel over uit te- spreken; het is altijd een hoogst ernstige zaak om over het leven of den dood van een mensch te beslissen; en wie zou niet wenschen dat deze man de laatste boosdoener mocht zijn ? De Lynch-wet, gij weet dit zoo goed als ik, kent geen middenweg ; zij verwijst ter dood of spreekt vrij. Ofschoon wij gekozen zyn om dezen man te vonnissen, willen wij de verantwoordelijkheid voor dit bedrijf niet op ons nemen dan na ernstig beraad ; bedenkt dus ernstig na over de vragen die ik u ga stellen, en bovenal, herinnert u dat van uw uitspraak het leven of het sterven van dezen ongelukkige zal afhangen. Spreekt dus, caballeros, op uw geweten; is deze man schuldig ?"

Er volgde een oogenblik van de diepste stilte; aller aangezicht stond ernstig, aller hart klopte hevig.

Don Estevan stond met gefronste wenkbrauwen en verbleekt gelaat, maar met de armen op de borst gekruist, in ferme houding, want hij was dapper, en wachtte met een angst dien hij alleen door de kracht van zyn wil wist te beteugelen en voor aller oog te verbergen, zijn lot af.

Loer-Vogel, na eenige minuten gezwegen te hebben, vatte het woord weder op en sprak op een langzamen plechtigen toon:

„Caballeros, is deze man schuldig ?"

„Ja," riepen al de aanwezigen als uit één mond.

Inmiddels begon don Mariano, dank zij de zorg zijner bedienden, weder bij te komen en de gewone teekenen van leven te geven die den terugkeer van het bewustzijn voorafgaan.

Vrij-Kogel fluisterde zijn vriend Loer-Vogel in 't oor:

Sluiten