Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Langzamerhand waren alle geluiden verstomd en eindelijk bevond don Estevan zich alleen, te midden van een onbekende woestijn, zonder dat hy de minste hulp, van wie ook te wachten had. Toen slaakte hij een diepen zucht, sloot de hand om de kolf van zijn pistool, zette zich den kouden tromp op het voorhoofd, stamelde voor het laatst den naam zijner kinderen, en drukte af . . , •

Intusschen hadden de Gambucinos zich verwijderd onder geheel andere gewaarwordingen dan zij gekomen waren; zij werden gedrukt door dat onbeschrijfelijk gevoel van onvoldaanheid dat de mensch ondanks zich zeiven bekruipt en hem het hart beklemt, wanneer hij een daad heeft begaan, waarvan hij wel is waar de noodzakelijkheid, ja zelfs de strikte billijkheid erkent, maar van welke hij niet weet of zij wel tot den kring zijner bevoegdheid behoort, en waarbij hij zich vragen moet of hy wel het recht had om er de hand toe te leenen. Geen hunner sprak, allen heten min of meer het hoofd hangen ; somber en nadenkend reden zij naast elkander voort, niet wagend met hun nevenman gedachten te wisselen, en onwillekeurig luisterend naar de geheimzinnige geluiden en stemmen der eenzame wildernis.

Nauwelijks hadden zij nog den uitersten rand van het bosch bereikt — waar zij de wateren van de Rubio als een zilveren lint m het flauwe maanlicht zagen glinsteren, en juist waren zij gereed om het veer over te gaan, toen erPlotseling achter hen in de verte een pistoolschot viel dat met een doffen knal terugkaatste tegen den hollen oever aan de overzyde.

Onwillekeurig sidderden zij, die mannen anders zoo dapper en onversaagd, en werktuigelijk bleven zij staan onder den indruk der hevigste ontroering, ia bijna van schrik.

Er volgde een oogenblik van doodelijke stilte.

Loer-Vogel begreep dat hij de noodlettige betoovenng moest breken die de Gambucinos bezwaarde als een gevoel van berouw; en niet zonder eejuge moeite de beklemming onderdrukkende die zyn eigen keel gesloten hield,

SP™Mijne bUdersfï gerechtigheid der woestijn is voldaan, de rampzalige die door ons veroordeeld werd, heeft eindelyk zich zeiven gericht.

Er is in de menschelijke stem een wonderbare en onbegrijpelijke macht, de weinige woorden door den spoorzoeker uitgesproken waren voldoende om aan al deze mannen hunne vorige veerkracht terug te geven.

„Dat God hem genadig zij 1" antwoordde don Miguel.

„ïmen!" mompelden de Gambucinos en maakten in alle vroomheid een

krVan dit oogenblik af was de looden vracht die hunne zielen bezwaarde opgeheven; de schuldige was dood, de onverbiddelijke logika der feiten gaf ook £ weder den doorslag aan de rechtspraak der ^^«"-^ stemmen der wroeging en der weifeling tot zwijgen die tot h.ertoe hun

gTulntetr^vallen was, bestond er voor haar die hij zoo onverbiddeUjk vervolgd had, geen gevaar meer; dit alleen reeds was inde oogen van deze ySfoe mannen voldoende reden om alle deernis met den schuldige ïn hunne harten uit te dooven. , , .

Een plotïnge omkeering had in hunne muitzuchtige gemoederen plaats

Sluiten