Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

u heb gehoord, ik, de beste vriend, ja bijna de broeder uws vaders I Ik zou mij zoo gelukkig hebben gerekend voor u te mogen zorgen."

Don Leo — want wij zullen hem voortaan bij zijn waren naam noemen — fronste de wenkbrauwen, zijn voorhoofd betrok zichtbaar en hij antwoordde met een sombere, bevende stem:

„Ik zeg u dank, don Mariano, voor de vriendschappelijke gevoelens die gij mij betuigt; geloof mij, ik ben die niet onwaardig; maar ik verzoek u thans het geheim van mijn langdurig stilzwijgen in mijn hart te mogen bewaren ; eens, zoo ik hoop, zal het mij vergund zijn te spreken, en dan zult gij alles vernemen."

Don Mariano drukte hem de hand.

„Doe zooals gij goedvindt," zeide hij met een diep bewogen stem; maar onthoud daarbij een zaak, namelijk dat gij in mij den vader hebt wedergevonden dien gij verloren hadt."

De jonkman wendde het hoofd af om de tranen te verbergen die hij in znn oogen voelde opwellen. Er volgde een vrij lange pauze; daarbuiten in de woestijn kon men de wolven hooren keffen, dit was het eenige geluid dat nu en dan de plechtige stilte verstoorde. •

Het inwendige der tent werd niet anders verlicht dan door een in den grond gestoken fakkel van ocote- hout, wier flikkerende vlam op het aangezicht der drie mannen allerlei schaduwen en lichten deed spelen en aan het geheel een zonderlinge, spookachtige gedaante gaf.

„De hemel begint te grauwen," hervatte don Leo, in het Oosten vertoonen zich heldere witte streepen ; de nachtuilen onder het loof verborgen, begroeten den terugkeerenden dag; de zon zal spoedig verschijnen; het zij mij dus vergund u met weinige woorden mede te deelen wat gij nog niet weet, want als ik mijn voorgevoelens gelooven mag, zullen wij weldra met kracht moeten handelen, om het kwaad te herstellen dat don Estevan bedreven heeft."

De beide anderen bogen toestemmend, en don Leo ging voort:

„Om zekere redenen, die ik hier niet nader behoef te verklaren, was ik voor eenige maanden naar Mexico teruggekeerd; diezelfde redenen verplichtten mij tot een vrjj zonderlinge levenswijze; ik verkeerde met lieden van de gevaarlijkste soort, en verkeerde naarmate de gelegenheid zich aanbood, in de meest of minst dubbelzinnige kringen, al naar gij mijn woorden nemen wilt. Geloof intusschen niet dat ik mij daarom aan misdadige aanslagen schuldig maakte, dan zoudt gij u zeer vergissen: ik deed alleen wat een groot aantal onzer medeburgers doet, namelijk "zekeren smokkelhandel drijven, die misschien door de commiezen en bewindsmannen met leede oogen wordt aangezien, maar die met dat al op zich zelf weinig berispelijks heeft en voor den staat geen gevaar kan."

Loer-Vogel en don Mariano wisselden een veelbeteekenenden blik; zij begrepen, of meenden ten minste dat zij begrepen hadden, wat hij bedoelde.

Don Leo de Torres hield zich alsof hij dien blik niet opmerkte, en vervolgde :

„Een der plaatsen waar ik mij dagelijks vertoonde was de Plazar Major; daar kwam ik dikwijls bij zekeren evangelista, met name Deporelle, een oud man van ongeveer vijftig jaar, maar een driedubbele schurk, woekeraar, koppelaar en huichelaar tegehjk, die onder den schijn van een eerwaardig

Sluiten