Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De overgang was wreed, want niets went zoo spoedig als een gemakkelijk en gelukkig leven. Ik gevoelde mij dikwijls vermoeid en uitgeput, ergerde of verveelde mij gedurig, en ondervond allerlei gewaarwordingen, die vroeger nooit door mij gevoeld werden.

Gedurende onze wandelingen bleef ik dikwijls ver achter, om aan Arthur, aan mevrouw Milligan enDeZwaante kunnen denken, en in mijn herinnering leefde ik dan weer in het verleden. O, wat een goede tijd was dat!

En als wij 's avonds in een vuile kamer van de eene of andere herberg sliepen, dan dacht ik aan de hut, die ik in d e Z w a a n had, en hoe ruw vond ik dan mijn beddelakens. Ik zou niet meer met Arthur spelen; ik zou nooit die lieve, vriendelijke stem van mevrouw Milligan meer hooren!

Gelukkig echter troostte mij één ding in mijn zeer groot en voortdurend verdriet: mijn meester was voor mij veel minzamer — hartelijker zelfs, zoo deze uitdrukking van toepassing kon zijn op Vitalis, — dan hij ooit geweest was!

Zijn karakter of liever zijn omgang met mij, had in dit opzicht een groote verandering ondergaan en dit althans gaf mij de kracht om mijn leed te dragen en mijn tranen te bedwingen, wanneer de gedachte aan Arthur mij het hart vervulde. Ik gevoelde dan, dat ik niet alleen op de wereld was en dat Vitalis méér voor mij was dan een meester. Dikwijls zelfs, wanneer ik slechts gedurfd had, gevoelde ik een onweerstaanbaren lust, om hem een kus te geven; zulk een behoefte had ik om aan de genegenheid, die ik hem toedroeg, lucht te geven, maar ik had den moed niet, want Vitalis was er de man niet naar, tegenover wien men vertrouwelijk kon zijn.

In het begin en ook gedurende de eerste jaren, was het een zekere vrees, die mij op een afstand van hem hield; thans was het een gevoel van eerbied, dien hij in mij opwekte.

Toen ik mijn dorp verliet, was Vitalis in mijn oog een mensch, zooals alle anderen, want ik was toen nog niet in staat om eenig onderscheid te maken; maar mijn verblijf bij mevrouw Milligan had mij tot op zekere hoogte de o