Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voeten zakten hoe langer hop dieper in de sneeuwlaag, die weldra tot onze knieën reikte, terwijl bovendien de sneeuwvracht, die wij op onze hoeden en kleeren droegen, hoe langer hoe zwaarder werd.

Op eens zag ik Vitalis de hand naar de linkerzijde uitstrekken, als om mijn aandacht in die richting te vestigen. Ik keek en het scheen mij toe, dat ik op de open vlakte den onbest em den vorm van een hutje zag, uit boomstammen samengesteld. Ik vroeg geen uitleg, want ik begreep, dat mijn meester mij niet op dat hutje opmerkzaam maakte, om het effect te bewonderen, dat het in dit landschap teweegbracht. Het kwam er maar op aan den weg te vinden, die erheen leidde. Dat was moeilijk, want de sneeuw lag al hoog genoeg om elk spoor van een weg of een pad te doen verdwijnen. Intusschen aan het uiteinde van het open vak, op de plaats, waar het hooge kreupelhout weer aanving, scheen het mij, dat de sloot langs den grooten weg eindigde. Daar begon zonder twijfel de weg, die naar de hut leidde.

Die onderstelling was juist; de sneeuw bezweek niet onder onze voeten, toen wij in de gracht afdaalden en weldra waren wij bij de houten loods. Deze bestond uit takkenbossen en boomstammen, waarboven takken in den vorm van een dak waren gelegd. Dat dak was dicht genoeg, zoodat de sneeuw er niet had kunnen doordringen. Deze schuilplaats was zoo goed als een huis.

De honden schenen nog meer haast te hebben, of vlugger te zijn dan wij, want zij waren dadelijk in de hut en zij rolden zicb over den drogen grond en iri het stof, terwijl zij luid en blijde keften.

Onze blijdschap was niet minder dan de hunne, maar wij legden ze op een andere wijze aan den dag dan door ons in het stof te wentelen, al was dit misschien ook zoo kwaad niet geweest om ons te drogen.

— Ik dacht wel, zei Vitalis, dat bij dit pas gekapte hout ergens een houthakkershut moest zijn. Nu kan de sneeuw vallen, wat mij betreft.

— Ja, laat ze maar vallen, zei ik op uitdagenden toon.

En ik ging naar de deur, om de sneeuw van mijn huis en mi