Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Gij moet toch iets gaan beginnen.

— Ik wilde juist mijn viool gaan verkoppen, toen gij mij aanspraakt en zeker zou ik ze reeds verkocht hebben, als het mij met zooveel kostte om ervan te scheiden. Het is mijn eenig genot en troost. Als ik mij erg treurig gevoel, dan zonder ik me af en speel voor mezelf eenigen tijd en dan zie ik allerlei mooie dingen in den hemel, veel mooier nog dan in mijn droomen; dat spreekt.

— Waarom speelt gij dan niet op straat op uw viool?

— Ik heb erop gespeeld, maar niemand heeft mij er iets voor gegeven.

Ik wist, hoe onaangenaam het was, als niemand eraan dacht om zijn hand m den zak te steken. — En gij? vroeg Mattia, wat gaat gij thans doen? Ik weet niet waarom, maar door een gevoel van ijdelheid gedreven, zei ik:

— Wel ik ben het hoofd van een troep.

Het was de waarheid, dat ik een troep bezat, want Capi maakte er een deel van uit, maar toch grensden mijn woorden zeer nauw aan een leugen.

— O, als gij dan wilt begon Mattia. — Wat? — Mij bij uw troep opnemen.'

Toen werd ik weer oprecht.

— Hier hebt gij mijn heelen troep, zei ik, op Capi wijzende.

— Welnu( wat doet er dat toe, dan zijn we met ons drieën. Ik bid u, laat mij niet aan mijn lot over; wat zou er van mij worden? Waarschijnlijk zou ik van honger sterven.

Van honger sterven! Allen, die dezen kreet hooren, zullen er niet denzelfden zin aan hechten en menigeen zal hem zelfs met begrijpen. Mq sneed hij door de ziel; ik wist wat het zeggen wüde, van honger te sjerven»

— Ik Kan werken, vervolgde Mattia; ik speel viool, ik kan koorddansen, door een hoepel springen en zingen; gij zult zien, li zal alles doen, wat gij wilt; ik zal uw knecht zijn, ik zal u gehoorzamen; ik behoef geen geld, maar slechts voedsel; als ik iets verkeerds doe, dan kunt gij mij slaan; maar gij moet mij niet op mijn hoofd slaan, dat moet gij mij beloven, want mijn hoofd is zeer gevoelig, daar Garofoh mij zoo dikwijls erop g