Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rijs te gaan. Hoe zij haar behandelden, alsof zij hun eigen dochter was, wat zq in de huishouding verrichtte en welke bezigheden en genoegens men haar gaf , mervisschen, roeien en wandelen bracht zij bijna al haar tijd door daar zij 35 naar school kon gaan. En ik wilde, van mijn kant haar ook alles vertelfen wat gebeurd was, sedert wij elkander verlaten hadden en hoe ik bijna omSomen was in de mijn, waarin Alexis werkte en hoe ik toen ik bij moeder Barberin kwam, vernam, dat mijn familie mij zocht en daardoor verhinderd was geworden, om Martha te bezoeken. % 'MlkÈ

NaSjk speelde mijn famihe een groote rol in mijn verhalen en _vooral mijn rijke familie. Ik herhaalde aan Lize, wat ik Mattia reeds gezegd had em sp?ak vooral over het vooruitzicht op een groot fortuin, en als wij dat hadden^ zouden wij allen gelukkig kunnen worden: haar vader, haar zuster, haar

b UzeS ^jt^e^^&kOA was als Mattia en die, gelukkig voor haar nie de ondervinding had van de school der leerhngen van Garofoh, was zVer geneigd ?Tgelooven,dat zij, die rijk waren, niet anders dan gelukkig op aarde konden zijn en dat de fortuin een talisman was, die, evenals in da sprookjes? onmtfdéllijk alles verschafte, wat men maar verlangen kon. Immers haar vadèr was alleJn in de gevangenis gezet, omdat hij arm was en z jn armoede was de oorzaak, dat zijn gezin wijd en zijd was verspreid. Of ik rijk was of rif was volkomen hetzelfde; althans hetzelfde wat de gevolgen betro wh zouden beiden gelukkig zijn en om het overige bekommerde zij zich met; wii zouden allen weder gelukkig worden en gelukkig leven.

Wirbrachten onzen tijd niet door met bij de sluis te staan praten bij het iiu^chen van het water, dat door de deuren stroomde, maar wij maakten ook met ons drieën! Lize, Mattia en ik. groote wandelingen. Eigenlijk waren wn met ons vijven want Capi was altijd van het gezelschap, evenals de pop, die

^Stó^ffiSW -et Vitalis gedurende eenige jaren en mei MaS gedurende de laatste maanden hadden mij bekend gemaakt met een groot dlel van het land; maar ik had geen merkwaardiger oord gezien aan fat waarin ik mij thans bevond: onmetelijke bosschen, schoone weilandeS rotsen heuvels, spelonken, schuimende watervallen kalme vijvers enge dalen met stille^rotswanden laAgs den stroom, die zich door de streek kron£e de Het was prachtig in alle* opzichten; men hoorde slechts het ruischen van herwater, het gezang der vogels of het suizen van den wind in de hooge boomen Tk móet erkennen dat ik ook eenige jaren geleden de vallei van de Bièvrl zeer schoon had gevonden; men behoeft mij dus met zoo onbepaald op mhn woord te gelooven, maar dit kan ik verzekeren, dat overal, waar ik met Uze bewandeld heb en waar wij te zamen speelden het land mij voorkwam eèn sKnhrid en bekoorlijkheid te bezitten, die andere streken, welkmen beweert datchooner zijn, in mijn oog niet bezaten: ik heb dat. land gezien meT uzê en daaraan is mij een herinnering gebleven, die beschenen wordt

^^^«f te nfft^Sffig was, zetten wij ons voor de deur der woning neder of was de nevel te zwfar, bij den haard, en ik speelde voor Lize od de narp waarvan zij zooveel hield. Ook Mattia speelde op de viool of den waldhoor^^'Jaar Lize gaf de voorkeur aan de harp, wat mijn eigenliefde niet we nï sïreekle Als^ het oogenblik gekomen was om ons ter rust te begeven, vroeg Li^mM altijd nog eels het napolitaansche lied en dat zong ik dan voor KK^dSik kwam de dag, waarop ik haar verlaten en weer op weg

""wat minjetreft het heengaan viel mij zoo zwaar niet; ik had zoo dikwijls gedacht lin den^ rijkdom? die mij wachtte, dat ik niet alleen geloo de, dat ik fenmTal riik zou worden, maar dat ik al rijk was, en dat alles, wat ik wemchte WnneXer korten tijd kon verwezenlijkt worden, ja misschien wel dadeiiïk mm^laatste woord ot Lize, wat ik evenwel niet uitsprak, maar duidelijk fkeÏÏen gaf^ kan beter dan door uitvoerige bespiegeling doen begrijpen, hoe Ust miin overtuiging was omtrent mijn toekomstigen rijkdom.

- & u komen afhalen met een rijtuig met vier paarden, zei ik.

En ^j geloofde me en met haar hand wees zij, hoe zij de zweep zoul klappen «nk zü zag zeker het rijtuig met vier paarden, evengoed als ik het zag

Vóór Lgevenwel in een rijtuig met vier paarden den weg van Parijs naar

Sluiten