Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar niets kondigde de nadering van het veld aan; was dan heel Engeland slechts één stad van steenen en slijk, Londen genaamd? Dat slijk drong zefs in ons riituig door, en viel in zwarte spatten op ons neer Een walgelijke geur omringde ons al geruimen tijd. Alles duidde aan dat w.j in een zeer armoeaige buurt waren; de laatste zeker vóór wij te Betbnal-Green kwamen Het scheen me toe, dat wij altijd in den zelfden kring rondreden en van tijd tot tnd net de koetsier zijn paard stappen, als wist hij niet meer, waar hij was. Eensklaps hield hij geheel stil en het raamp e in de cab ging weer open.

Sn volgde er nogmaals een gesprek, of liever een twist iusscben koetsier en klerk! Mattia zei, dat de koetsier weigerde verder te gaan omdat hn den wee niet kende; hij vroeg inlichtingen aan den klerk van Greth and Cahay en deze amwooVdde weer. dat hij nooit in deze dievenwijk was geweest. TSdk ik verstond nu duidelijk het woord t h i e v e s. S waren blijkbar hier niet in Bethnal-Green. Wat zou er gebeuren? De twist werd door het openingetje voortgezet en de koetsier en de klerk, weraen al driftiger en driftiger. Eindelijk gaf de klerk geld aan den koetsier lie Sbrommend aannam. Hij steeg uil de cab en riep ons weer met zijn „pst! pst!" Dit beduidde, dat ook wij eruit moesten komen. ,.

Daar stonden wij in een slijkerige straat, temidden van den dichten mist, één der Stls was schitterend verlicht en de gasvlammen werden weerkaatst door spiegels en verguldsel en als kristal geslepen flesschen. Het licht Song do°oi dePn list heen lol aan de straatgoot Het was een Um^J^ als de Engelschen hel noemen, een gin-palace, een paleis, waar men 1 ene ver verSpt en allerlei soort van sterken drank, gestookt uit den alkohol van i.ftrm nf beetwortels — Pst! Pst! riep onze geleider opnieuw. Met hem Sen wij het gin-palace binnen. Wij bedrogen ons bepaald,

de menschen die voor deze toonbank, of tegen de muren of vaten geleund

S zagen ^o zwart of zij met schoensmeer waren bestreken, dat nog den tijd "Op'aeze zflveren 'tbo'nbfnk liet de klerk zich een glas vullen met een wit nelfeh^

bmegtedeng man met ^e^fe hem. bediend had behoefde Sen konden E*»S*£ waren>J» SSn^^Zeïe^SS daar

en kinderen in lompen zaten op ^n drempel bespeurde ik,

Onze geleider sprak hem aan en at^aJe^ p00rten en kronkelende

gaan door den pohce-man; ^p ^fe°iM^h^% het punt wa«n r S 5—S SS» 3 SrSein, waarvan hPet midden, vak uit een moeras bestond.

Sluiten