Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

klimmen en aan het verlichtte raam kloppen.. Op deze manier zal hij mij wel te woord moeten staan".

Zoo gezegd, zoo gedaan. Bijna net zoo vlug als de hond, was hij bovenop de schutting. Hij, net zoo min als Jim, merkte iets van den electrischen stroom door het prikkeldraad. Het kostte hem weliswaar eenige winkelhaken in zijn kleeren, maar hij was zoo vol verlangen om zijn doel te bereiken, dat hij daar niet eens oplette. Boven op dë schutting zijnde, kon hij duidelijk binnen in het verhchte laboratorium kijken. De ruiten waren halverwege met kalk witgemaakt. Niettegenstaande dezen voorzorgsmaatregel zag Jan duidelijk den schaduw van'den geleerde.

Deze stond voor een groot fornuis. Hij had een tot aan zijn voeten reikende witte jas aan. Zijn zwarte haren lagen verward over zijn voorhoofd en in zijn hand hield hij een stuk papier, waarop hij met een potlood pnleesbare berekeningen scheen te maken. Aan zijn voeten lag Jim en Jan zag dadelijk, dat het briefje niet meer aan zijn halsband hing. Het gezicht van dien man, verdiept in zijn geheimzinnige bezigheden, stijfde Jan nog meer in zijn voornemen om tot hem door te dringen. Tolbach oefende op den jongen een ware aantrekkingskracht uit.

„Nu wat kan het mij ook eigenlijk schelen*', zeide hij tot zichzelf. Ik zal den sprong wagen, per slot van rekening zal die gek mij niet in zijn fornuis stoppen en mocht hij mij kwaad willen doen,, dan zal ik mij weten te verdedigen" .

Om op alles voorbereid te zijn, haalde hij zijn groote zakmes te voorschijn, een verjaardagsgeschenk van zijn moeder, en verborg dit geopend in zijn mpuw.

Dapper maakte hij zich gereed om naar beneden te springen. Hij zocht een geschikt plekje om neer te komen. Reeds stond hij, bijna rechtop, klaar voor den sprong, toen hij onverwachts een der vensters hoorde openen. Onmiddelijk bukte hij zich, en keek wat er gaande was. Het was het venster van het laboratorium, dat geopend werd en hij ontwaarde de gestalte van den geleerde, welke zich scherp tegen den helverlichte achtergrond atteekende. Het was trouwens ook al te laat.

Sluiten