Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij kan onmogelijk ontkomen zijn, zonder door de werkkamer te loopen en ik was daar en heb niets gezien". i Terwijl Jan zoo met zichzelf redeneerde, ging hij door met zoeken. Eensklaps zag hij een reusachtigen ouden koffer in den hoek staan.

„Hij kan zich daar toch niet in verstopt hebben ?"

De jongen ging naar den koffer en trachtte het zware deksel op te lichten.

Maar plotseling ging deze vanzelf omhoog en Tolback verscheen in zijn volle lengte.

Jan had geen tijd een geluid te geven of een poging te wagen zich dit maal te overtuigen, dat hij werkelijk te doen had met een man van vleesch en bloed. Er was geen tijd om Ook maar één enkele vraag te stellen.

Onmiddelhjk richtte de gek, zooals hij dat ook de eerste maal vanuit zijn venster gedaan had, een wapen, dat Jan ook nu niet onderscheiden kon, op den jongen. Hieruit kwamen dikke wolken scherpe verstikkende blauwe rook, welke hem het gezicht op zijn tegenstander geheel benamen.* Zijn hoofd begon te draaien, de voorwerpen, welke hij zag, begonnen te dansen en hij viel bewusteloos op den grond , mompelende :

„Ik sterf

Wat den gek betrof, hij stapte kalm over het lichaam heen, opende de deur van de werkkamer en verdween.

Hoe lang Jan Robin buiten kennis was geweest, zou hij moeilijk hebben kunnen zeggen. Hij kon zich zelfs niet herinneren, wat er met hem gebeurd was. Met moeite richtte hij zich op. Hij was een beetje duizelig en zijn oogen brandden in zijn hoofd.

„Waar ben ik?" vroeg hij zich af, terwijl hij verwonderd de hem geheel onbekend voorkomende bibliotheek rondkeek.

Met veel inspanning trachtte hij zijn gedachten te verzamelen. Zijn hoofd deed hem pijn, zijn mond was droog en zijn tong kleefde aan zijn verhemelte, kortom hij had de gewaarwording van iemand, die koorts heeft. Langzaam aan echter voelde hij zich herleven, zijn ademhaling be-

Sluiten