Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Jan zeide Tolbach bedaard, „ik heb op jou gerekend voor twee dingen. In de eerste plaats moet je mij helpen met de voorbereidselen voor de operatie. Deze is altijd min of meer ingewikkeld, maar nu ik deze zelf op mijn eigen lichaam moet verrichten, is zij niet van gevaar ontbloot.

„In de tweede plaats heb ik er op getekend, dat jij mij zult toestaan de enkele centimers vleesch, die ik daarbij noodig heb van een van je bovenarmen af te nemen.

„Dit stukje vleesch moet ik hebben om te enten op mijn neus en op mijn wangen, zoodat mijn gelaat op dat van Herr von Gloecken zal gelijken'.

Dit geheel onverwachte voorstel zou iederen anderen jongen eenigszins angstig gemaakt hebben, want wat de geleerde vroeg was geen kleinigheid, want niemand geeft toch maar zoo een stuk van zijn huid weg, al is het dan ook voor zijn vaderland.

Maar onze kleine Elzasser dacht er anders over. Zooals wij weten, was hij niet zooals andere jongens. Hij was gewoon, alles wat hij deed, zoo goed mogelijk te doen en 'hij het zich niet zoo gauw door moeilijkheden uit het veld

S &Hij had langen tijd getwijfeld of hij dezen man zijn vertrouwen zou schenken, maar nu hij dit eenmaal gedaan had, gaf hij zich geheel en al aan Tolbach, zoodat deze een'zeer groote macht over hem had. Hij was vol van de schitterende daad, die Tolbach gezworen had te zullen verrichten.

Hij wilde zooveel mogelijk medewerken, om het plan te doen slagen. Ja, hij wilde als het kon zelf aan de uitvoering deelnemen. Zijn aanvankelijk vaag verlangen om ook mee te mogen vechten en zich op te offeren voor zijn vaderland, was nu samengesmolten met het plan van Tolbach. . .

Ziedaar, waarom de jongen in het geheel niets buitengewoons zag in het verzoek van den geleerde. Alleen vroeg

hij : i

„Zult U mij erg veel pijn doen? Zal ik voor mijn moeder de'wond, die.U maken zult bij het wegsnijden van het stukje vleesch, kunnen verbergen ?" ^ >. .....f:.. ^„^ ' 1 ■ i|-Ai-l-Jl

Sluiten