Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de vestibule bevindende deur en trok zich in zijn werkkamer terug, waar Jan zich spoedig bij hém kwam voegen onder voorwendselvan hem een paar handkoffers te moeten brengen.

Het vertrek, waarin onze beide helden zich bevonden, was een groote, eenvoudig gemeubelde kamer met een donkerbruin geschilderden houten vloer, zooals veel in Duitsche huizen voorkomt. Een groen kjeed bedekte gedeeltelijk den vloer. Aan den muur was, te midden van eenige gekleurde platen, een mooi groot portret van Frederik den Groote opgehangen.

Dit was zoo geplaatst, dat het onmiddellijk in het oog viel. Verder viel ook dadelijk een fotografie van Frans Jozef van Oostenrijk, te paard gezeten, op. Aan de andere muren hingen verscheidene landkaarten, waaronder een van de Argentijnsche repubhek waarop verschillende plekken nfet krijt rood gemaakt waren.

De meubels bestonden uit een groote rustbank en twee schrijftafels. Een groote, geplaatst voor het venster en een andere hooge lessenaar, waarvoor men staande kon schrijven, in het midden der kamer. Door een zeer groot raam keek men op de Alster. In tijd van vrede moest het zeker een aardig uitzicht geweest zijn.

Dit gedeelte van de stad toch was vol koffiehuizen, waarvan wel het meest bekende, het restaurant „Fahrhaus" was. Duizenden menschen kwamen hier dagelijks naar de muziek der militaire orkesten luisteren.

Het vertrek binnen komende, was Tolbach uitgeput op de rustbank neergevallen. Hij had het gevoel, alsof hij een wandehng van verscheidene kilometers achter den rug had.

Hij nam zijn hoofd tusschen zijn handen en zeide tot Jan in het Fransch :

„Ik kan niet meer. Die verschrikkelijke inspanning, de voortdurende angst om mij niet te verspreken is zoo ontzettend afmattend, maar niettemin geloof ik, dat het

spel gewonnen is Het was wel een warm oogenblik met

dien ouden wantrouwenden Karl Ik begon al reeds

bang te worden, dat alles mis zou loopen Gelukkig"

Sluiten