Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

soldaat snurkte als een os en was niet van de telefoon weg te krijgen,

Buiten zichzelf van woede sprongen Jan de tranen in de oogen. Ten einde raad berekende hij, dat er nu ongeveer twee uur waren verloopen sedert het vertrek van Tolbach. Hij moest reeds getelefoneerd hebben.

Oh ! Wat kon hij doen ?

Maar plotseling, te midden van het gezang en de kreten, die hoe langer hoe luider in de onderaardsche gang, weerklonken, zag de wanhopige jongen den man, die bij de telefocn lag te slapen met één sprong opstuiven en als een gek heen en weer springen, terwijl hij brulde :

„De Franschen, de Franschen, te wapen, te wapen".

De Feldwebel, door dit gebrul bijna nuchter geworden, stelde de soldaten spoedig gerust, zeggende :

„Die stomme Friedrich is zoo dronken als een tol en ziet ze vliegen. Hij weet niet meer, wat hij zegt".

De soldaat echter gaf met een dikke tong de volgende uitlegging.

„Ja, ik ben dronken, maar ik heb toch duidelijk Fransch hooren spreken. Ja ik weet het zeker, daar ginds bij den pilaar..*".. Men zeide...."

Gelukkig kon hij niet verder gaan. Hij viel bewusteloos neer. Niemand sloeg^acht op deze dronkenmanstaal. Overigens hadden de soldaten zooveel gedronken, dat ieder genoeg aan zichzelf had.

Jan alleen had al zijn positieven bij elkaar. Onmiddellijk nam hij de plaats in, die de dronken man was ontvlucht en ging met zijn oor op de telefoon liggen luisteren.

De soldaat had gelijk : er werd Fransch gesproken.

Sluiten