Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK III.

De stalen Hamer.

Het is nauwelijks vier uur in den morgen. Achter de hoogè muren, die de fabriek Esshausen omringen, komt de zon in de verte op, de hooge vensters van het lange sombere gebouw, zwart van rook, verlichtende. ' In de fabriek gaat het leven en het werk steeds zonder ophouden door. De machines draaien dag en nacht. In de slaapzaal, ingericht voor een tiental werklieden, is Jan Robin de eenige, die wakker is en met ongeduld het aanbreken van dan dag afwacht.

Deze slaapzaal heeft het aanzien van een chambree eenef kazerne en is op de bovenste verdieping onder de dakpannen gelegen. Zij biedt een weinig comfortabel aanzien. De ijzeren ledikanten staan dicht op elkaar langs de muren, ter zijde van ieder bed staat een houten kist, waarin de werklieden hun persoonlijke eigendommen kunnen leggen.

Onze vriend Jan is klaar wakker. Hij richt zich op in zijn bed en werpt een onrustigen blik om zich heen. Met voldoening ziende, dat alle mannen in diepe rust zijn, opent hij voorzichtig zijn kist en haalt een vrij groot voorwerp te voorschijn.

Dat voorwerp is de groene reiskoffer, de koffer met de gouden sluitingen, waarop de initialen met de kroon zich bevinden. De jongen bekijkt een oogenblik voldaan den befaamden koffer, dien hij terug heeft weten te vinden, op welke manier zullen wij straks zien.

Sluiten