Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel graag even met de kinderen uit, maar 'k wou ze toch geen nat pak bezorgen. Besluiteloos tuurde ik in de effen grijze lucht.

,,'k Zou er maar in blijven, 't Is veel te nat buiten," kwam daar opeens m'n gratis advies uit de derde bank.

'k Was net tot de conclusie gekomen, dat 't op 't oogenblik droog was, dat de lucht wat lichter werd en dat ik 't dus maar even wagen zou.

'k Telde dus: Opstaan, een, twee, drie. En een paar minuten later waren we in 't plantsoentje tegenover de school.

Werkelijk bleef 't even droog. Maar vóór 't einde van den speeltijd, daar was 't al weer mis. En zoodra ik de eerste druppels voelde, klapte ik 't troepje bij elkaar.

Liesbeth kwam het eerst. Blijkbaar had ze er op geloerd.

„Zie je nou wel? 'zei ze triomfantelijk, toch ook met een ietsje verwijt in haar stem. „Heb ik 't je niet vooruit gezegd? Nou heb je 't land, dat je eruit gegaan bent!"

Zoo was 't schering en inslag den eersten tijd. Hoe lang 't geduurd heeft? Vast niet langer dan een of twee weken.

Hoe ze 't afgeleerd heeft! 'kZou haast zeggen vanzelf.

Ze was verstandig genoeg om gauw in te zien, dat „de juffrouw" een eenigszins andere persoonlijkheid was, dan haar moeder, en dat er van haar op- en aanmerkingen niet héél veel notitie werd genomen. Ook merkte ze natuurlijk, dat geen der andere kinderen zoo iets deed. En ten slotte, ofschoon ik nooit een kind uitlachen zal, moet ze toch af en toe aan iets in m'n gezicht gezien hebben, hoe komisch 'k haar vond. En de slimsten onder de andere kinderen zagen dat ook, %a begonnen haar lachend aan te kijken, als ze weer iets over de klas heen riep.

Nu is een kind voor niets gevoeliger dan voor spot. Dat zij, Liesbeth, 't knappe kind, iets belachelijks deed, dat zal

Sluiten