Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

houden: er wordt veel gevergd van je keel, als je voor de klas staat. Daarom zong ik 't niet graag met ze. En als ze 't zelf kozen, dan liet ik ze in Godsnaam maar zakken en zette ieder nieuw coupletje weer een terts hooger in; want dat was zoowat het „verval".

„Vooruit dan maar", dacht ik dien dag ook weer en gaf den toon yoor ze aan. De zittenblijvers kenden 't blijkbaar ook, ze zongen ten minste mee. Maar al bij den eersten regel werd m'n aandacht getroffen door een nieuw geluid in 't gemengde koor, een hooge, heldere stem, die zuiver den toon hield en 't heele koortje droeg.

Verrast bleef ik luisteren. Van wien kwam die stem ? Van een van de zittenblijvers? Dat moest ik eens gauw onderzoeken, 'k Liep stapje voor stapje de jongensrijen door, terwijl m'n klas, zonder in 't minst gezakt te zijn, het 2de coupeletje inzette: „Waait het al te hard daar buiten...." Opeens, daar had ik den zanger: Vlak naast zijn bank bleef ik staan, om beter te kunnen genieten. Wat een mooie stem had die jongen 1

Hijzelf had er in 't minst geen erg op, dat ik naar hem stond te luisteren. Verdiept in zijn eigen gezang, zelf genietend van den helderen klank, zat hij voor zich uit te staren, als een vogel op een tak, die alles om zich heen vergeet in de vreugde der zoete melodieën en schallende trillers.

,,'k Moet hem ook eens alleen hooren", dacht ik. En toen 't liedje uit was, riep ik hem voor de klas.

„Jij houdt zeker veel van zingen, he? Ken je nog een liedje, dat de andere juffrouw jullie geleerd heeft? Dan mag je 't ons eens voorzingen."

Een beetje aarzelend en verlegen eerst, zette hij z'n liedje in. Jongens schamen zich gauw, om te zingen, behalve natuurlijk als 't straatliedjes zijn. Maar al bij de

Sluiten