Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

marineblauw te laten verven.

's Middags voor schooltijd ging ik het halen en nam het meteen mee naar school. Al uit de verte zochten m'n oogen het prinsje. Jawel hoor, daar stond hij tegen den muur geleund in z'n gewone houding, de oogen omlaag. Honderd kinderen speelden en stoeiden onder luid lawaai om hem heen, knikkerden, sprongen touwtje, zaten elkaar schreeuwend achterna, keven, vochten samen en sarden elkaar, — hij stond er onbewogen tusschen in en draaide in z'n dunne vingertjes een stukje griffel om en om, al maar genietend van 't mooie velletje met schuine paarse strepen.

'k Tikte 'm op z'n bolletje: „Zeg, wil je me helpen dragen? Dan. mag je vast mee naar binnen. Maar niet laten vallen, dan breekt het."

Doodvoorzichtig nam hij het pakje aan, en het behoedzaam in beide handjes voor zich uit dragend, liep hij met me mee. In de leege klas gekomen, zei ik: „Ziezoo, nu moet je maar eens kijken, wat er in zit, want het is voor jou."

Dat begreep hij niet zoo gauw, en daarom maakte ik het pakje maar voor hem open. 't Bloesje was keurig geworden; zoo als het daar lag, netjes opgevouwen en gestreken, leek het werkelijk gloednieuw.

't Prinsje stond er bij te kijken. Z'n wangetjes kleurden er van, z'n oogen glansden, het mondje stond half open, z'n handjes trilden even. Maar hij wist toch nog niet goed, of het droom of werkelijkheid was.

Ik vond het te mooi, om er alleen van te genieten en haalde er een van m'n collega's bij, die al evenveel bewondering voor m'n prinsje had, als ik zelf. En samen kleedden we hem aan. j

't Zat hem als „gegoten". We strikten het zijden lintje

Sluiten