Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Gelukkig is 't gauw verhooging," zei ze tegen me. „Dan mag jij je krachten eens op haar beproeven, ik ben er op uitgestudeerd, 't Is net een wilde boschkat. Opletten en haar best doen vertikt ze gewoon, en ze was toch al bij de andere kinderen ten achter. Natuurlijk kan ik haar niet mee laten gaan. En nu maak ik me voor die paar weken ook maar niet ongelukkig om 't kind. Weetje wat ik gedaan heb? 'k Heb een bank achteruit geschoven, heelemaal tegen den muur aan, dat is m'n strafkolonie. Daar mag ze nu net zooveel en zoo weinig uitvoeren, als ze verkiest, zonder dat de andere kinderen of ikzelf er te veel last van hebben."

Zoo kreeg ik 't erfstuk over. Toen ik met m'n klas 't ontruimde lokaal binnenkwam, en haar op haar strafbank zag zitten, zonk me 't hart in de schoenen, dat wil ik eerlijk bekennen. Een paar grove laarzen met loshangende veters bengelden buiten de voetenplank, voor de rest zag ik niets van 't aanminnige wezentje dan een klein stukje rug, een ruig zwart achterhoofd en een nijdige elleboog, 't Was niet bepaald aanlokkelijk.

Toch nam ik me dadelijk heldhaftig voor, die bank aan te schuiven, en haar zoo lang 't maar even ging bij de andere kinderen te laten zitten. En — 'k schrijf het niet zonder trots neer, want vaak was de verleiding me haast te machtig en stond ik op het punt, den strijd op te geven — dien heelen cursus is de bank niet weer van z'n plaats geweest!

Maar 't heeft heel wat van m'n krachten gevergd, vooral in de eerste dagen. Ze verkoos eenvoudig niet te doen, wat je zei.

„Leesboeken open op blz. 17!" Trui bleef bedaard zitten met de armen over elkaar.

Gelukkig had je er dan nog een kleine veertig over, die

Sluiten