Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tenminste verdronk niet, maar floreerde bepaald. Vervolgens stompté Trui zich een doorgang tusschen de pratende kinderen, al stonden de sterkste jongens uit de klas haar ook in den weg: „La me dr door, 'k mot de bordedoek," en ging vol wijding 't schoteltje aflappen en de heele vensterbank schoonvegen. Als ze maar gedurfd had, had ze de andere bloempotjes ook wel onder handen genomen, maar ze wist wel, dan was er oorlog van gekomen.

Ik had er m'n schik in en liet haar begaan. Op een dag zei ik: „Weet je, wat je eens doen moest, Trui? 't Varentje in den gootsteen zetten en 't dan zoo met je hand besproeien, dan spoelt al 't stof er af en zal je eens zien, hoe 't opfrischt."

Ze zei niets, maar toen 'k even later naar naar keek, zag ik, dat ze vol ijver bezig was, 't plantje precies volgens mijn voorschrift te behandelen. En 'k dacht: dat is nu de eerste keer, dat ze vrijwillig doet, wat ik haar gezegd heb.

Maar 't zou nog beter worden. Een paar dagen later kwam ze uit eigen beweging bij me: „Kaak nou 's juffrau, nou kraagt ie soo'n rond, groen knoppie."

„Warempel!" riep ik opgetogen. „Hij gaat een nieuw blad maken. Nu, dat 's een bewijs, dat hij het goed heeft. Lief he, zoo'n jong, opgerold blaadje! Dat kun je nu eiken dag zien groeien.''

Ze had een kleur van plezier en keek me regelrecht in de dogen. En voor 't eerst zag ik iets vriendelijks in haar blik. Toen wist ik, dat ik 't gewonnen had. Want als je een kind maar zoo ver krijgt, dat het je mag, dan is zelfs het moeilijkste karakter te regeeren; dan zijn ze van goede wille en „bedelen om je gunst en recommandatie", zooals een collega van mij 't eens kernachtig uitdrukte.

Na dien tijd

Sluiten