Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

smakelijkste collectie uitgestald liggen: drie zuurtjes, een balletje, vijf stukjes drop, een aangebeten appel, een cent, een tol, vier knikkers, enz. Voelt de bezitter zicb echter moreel sterk genoeg, om z'n schatten onaangeroerd in z'n zak te laten zitten, dan is hij daarin geheel vrij. Maar blijkt de verzoeking te sterk, dan gaat de zaak ook zonder pardon in de prullemand, al is 't een zak vol koekkruimels.

Toen 'k Tonia dus onder 't lezen rustig zag zitten kauwen, met een mond zwart van de drop, verzocht ik haar vriendelijk, mij den inhoud van haar zak maar eens te vertoonen. Na eenig tegenstribbelen kreeg ik de jonge dame zoo ver dat ze met blijkbare tegenzin een zakje drop voor den dag haalde. Maar 't onderzakje leek me nog zoo vol en m'n argwaan was nu eenmaal opgewekt, dus zei ik: „zoek nog maar eens, misschien heb je nog wel wat." En toen kwam onder luid geschrei met horten en stooten een collectie snoepgoed voor den dag, waarvan ik de waarde toch minstens op een stuiver of zes schatte.

„Kind, hoe kom je aan al dat lekkers?" vroeg ik verbaasd.

„He 'k van me moe gekrege." huilde ze.

„Hoeveel centen heeft moe je dan wel gegeven?"

„Een dubbeltje".

„Dat heb je dan toch niet allemaal uitgegeven? Hoeveel centen heb je nog over?"

Aarzelend grabbelde ze twee centen onder uit haar zak. Toen wist ik genoeg en 'k liet haar de heele zak omkeeren. Er rolden een stuk of wat dubbeltjes en centen uit.

„Hoe kom je aan dat geld?"

,,'k Mot een boodschap voor me moe doen, as 'k uit school kom". Ze begon nu onraad te vermoeden en brulde of ze gekeeld werd.

„Wat moet je dan halen?"

Sluiten