Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu vertrouwelijk — as ik dr wat van noodig heb voor 't huishoue, dan mot ik 't zelf wel neme. En 't was me vanmorge ook niet overkomme, dat 'k die neste van meide de baas heb late spele met die cente, as 'k vannacht niet zoo opgetobd had met het kleintje, want daardoor was'k een beetje laat op, ziet u. Maar u kan dr gerust op rekene — dit weer met moederlijke waardigheid — dat ze dr portie van me hebbe zalle; 's kijke, of we die streke dr niet uit krijge kenne!"

Weer wisselden we een blik van verstandhouding. ,,'n Verloren proces," telegrafeerden onze oogen. En toen stond ik maar op, 'k had er meer dan m'n bekomst van.

Toen ik 't portaal weer overstak, was 't zingen nog in vollen gang. Maar ze zongen nu een ander liedje, 'k ving er net een brokstuk van op:

„Waar moeder ons liefdrajk gelajdde aan haar hand,

Waar fader ons formde naar hart en verstand."

Meer dan een jaar hield ik de Meijertjes in m'n klas. 't Lijkt misschien niet zoo lang, maar wat ik in dien tijd met ze uitgestaan heb, weet ik zelf nauwelijks meer. Steeds moest ik alles achter slot en grendel houden: 't schoolgeld, de pennen, de potlooden. Alle kinderen waren op hun qui-vive, centen mochten niet op 't tafelfje neergelegd worden, want daarvan was 't eigendomsrecht zoo dadelijk niet te bewijzen. En toch gaf 't ieder oogenblik nog scènes. Hoeveel keer ik ze de zakken vol snoepgoed boven de prullemand liet uitschudden, hoeveel keer ik de gevonden centen met een briefje naar moeder terugstuurde ('t mensch laten komen deden we nooit meer), hoe vaak ik ook een of allebei naar huis moest laten brengen, omdat ze zich onpasselijk gegeten hadden aan al die delicatessen, 'k zou het heusch niet kunnen zeggen. Ook niet, hoeveel klachten

Sluiten